Justitiehuis

Department of justice.
Oudenaarde, 2000, 800 m²

 

Regie der gebouwen

 

Het justitiehuis is een hoekgebouw te zien van op de markt van Oudenaarde. Het volume wordt opgetild boven het voetpad, zodat een steelse blik kan geworpen worden door het gebouw vanaf de straat en er zo visueel contact ontstaat met de centraal gelegen publieke zone.

 

De hoofdwand is opengetrokken en accentueert de inkom met de publieke ruimte.  Er is een schemerzone gecreëerd tussen openbaar domein en gebouw. De inkomstroken en de inkomhal zijn onderdeel van het circulaire stedelijke netwerk en sluiten daarbij aan bij de semipublieke functie van het gebouw. De inkomhal fungeert op die manier als een specifieke open plek in de stad als ritueel van overgang van het publieke naar het private.

 

Het gebouw is gesitueerd binnen de stedelijke enveloppe zoals deze werd bepaald met de dienst monumenten. Deze enveloppe geldt als een preoccupatie van de site. Daarbij sluit het gebouw aan bij de kroonlijst van het belendend pand in de Einestraat als richtinggevende hoogtemaat.

Rond de structuur van het gebouw wordt een zandkleurige mantel gedrapeerd als een ajour  tussen het publiek domein, het buiten en het private domein, het interieur.

Door de geometrisch zuivere vorm van het dak die de perceelsgrenzen niet volgt en de mantel als het ware laat zweven rond z’n structuur, door het ritme van de gaten in de mantel,  en door het opentrekken van de hoofdwand, wordt de mantel autonoom.

Door de autonomie van de mantel, ontstaat een lobotomie waarbij de grenzen vervagen en het gebouw opgeslorpt wordt door de stad.

Het zandkleur is de resultante van de gebruikte materialen in de straat door de eeuwen heen en het is tevens een reminiscentie naar een verouderingsproces, waar ze in Oudenaarde naar aanleiding van de restauratie van het stadhuis,  alles over weten. Zo ontstaat  een relatie met de stad en met het verleden.

 

Door de stedelijke enveloppe, is de hoogte van de ruimtes variabel, aansluitend bij de specificiteit van het programma, met hogere ruimtes op de gelijkvloerse publieke verdieping. Hier bevinden zich het onthaal, het secretariaat, de hulplijn, de spreekkamers en de externe diensten. De dakverdieping huisvest de meer private kantoren voor coördinator, inspecteurs, voorzitter, en de private vergaderzaal.

De tussenverdieping huisvest dan de assisterende functies met o.a. de bemiddeling, de assistenten, het archief en de refter.

Elke verdieping heeft, via de centrale circulatiestroken, contact met de andere verdiepingen, met de centrale open ruimte, waaraan uiteraard de circulatie is gekoppeld, en met de straat.