Studio Regie

ENNL

Merelbeke, 2015, 801 m²


Raymond ‘Mondse’ Wollaert (1900-1979), was een bekende en erg geliefde Merelbekenaar. Samen met zijn vrouw Germaine Willems bezat Raymond een slagerij met café en bouwde in de jaren vijftig de cinemazaal ernaast.

Deze cinemazaal transformeerde uiteindelijk in de bekende feestzaal. De naam REGI komt trouwens van de voornamen in de familie Wollaert nl. R(aymond) - E(tienne)(=schoonzoon) - GI resp. van Germaine (echtgenote van Raymond) en Gisèle (dochter).

De zaal werd in februari 1956 geopend met een groot dansfeest met het orkest "The Happy Friends" en 's anderendaags werden vlug de stoelen voor de cinema geplaatst met als eerste film "Daddy Long Legs" met Fred Astaire en Lesly Caron in de hoofdrollen.

Studio Regie is productie en postproductie studio, voornamelijk als locatie voor filmopnames (producties). Vanuit dit standpunt is de wisselwerking en relatie tussen de hedendaagse bezigheden van het productiehuis en de geschiedenis van de zaal als filmtheater een uniek gegeven.

Naast de productieactiviteit is er de intentie om de karaktervolle zaal te verhuren aan een groter publiek voor specifieke gelegenheden zoals recepties, vernissages, tentoonstellingen, filmvoorstellingen, bedrijfsevenementen, (trouw)feesten, optredens en dergelijke meer.

Op deze manier zal de unieke zaal af en toe opengesteld worden in een gecontroleerde omgeving en zo het historische pand in de maatschappij geworteld houden.

Het basisidee van de hele reconversie is gestoeld op het behouden van het bestaande karakter en aanwezige troeven. Dit wil zeggen dat er met een grote dosis behoedzaamheid met alle aanwezige troeven omgesprongen zal worden. De definitie van troeven hierin werd bepaald op basis van historische waarde, structurele toestand en architecturale meerwaarde.

Het project wordt in drie luiken opgedeeld:

Het gecementeerde toegangsgebouw met de inkompartij en vestiaire werd summier gerenoveerd, en ontdaan van alle bijgebouwen, zodat een grote poort voor leveringen en (nood)uitgang naar de Hundelgemsesteenweg kon voorzien worden. In deze voorgebouwen zijn kantoren, inkom en keuken/catering voorzien.

De zaal zelf is rechthoekig van vorm en ligt onder een groot zadeldak met stalen spanten. De voor- en achterwand zijn (en waren) gebogen uitgevoerd voor de verbetering van de akoestiek. De meeste oude elementen waren nog aanwezig (bleek ook uit het verwijderen van het recentere valse plafond) en blijven, afgezien van een nieuw laagje verf, behouden in hun huidige toestand. Het gebogen plafond behield ook zijn bestaande vorm en opbouw.
De golfplaten aan de buitenkant van de zaal werden verwijderd en de achterliggende baksteengevels gerenoveerd.

De podiumtoren achteraan het perceel is een betonskelet met opvulmetselwerk.
Het heeft een groot gedimensioneerd betonplafond waaraan vroeger de trekkeninstallatie (waaraan decordelen of belichting wordt opgehangen) hing. De baksteen- en betonwanden van deze toren worden langs binnen en buiten integraal bewaard. Deze baksteentoren, waaraan nieuwe ramen zijn toegevoegd om licht en zicht te creëren, fungeert als schil voor een autonoom houten woonvolume (met slaapkamers en badkamer) die als het ware zweeft in de toren. Hierdoor breken we niet met de oude (bestaande) sfeer van de uitermate hoge torenvolume, maar versterken we dit karakter met onze ingreep.

Het voormalige podium zelf krijgt een gebruik als leefruimte voor de woning. De oude opening van het podium is voorzichtig toegemaakt en fungeert als white screen voor de studio, maar kan in de toekomst eenvoudig terug opengemaakt worden. Het licht op het leefpodium komt enerzijds van een horizontaal raam die de volledige tuinzijde openmaakt, en anderzijds van de grote bestaande lichtkoepels die zenitaal licht vanaf het hoge plafond tot helemaal onderaan brengt.

De bestaande materialisatie wordt zoveel mogelijk behouden en wordt zelfs consequent doorgetrokken in de nieuwe interventies. Ook kenmerkende elementen van het interieur worden gespaard en aangevuld met houten constructies voor de woning en burelen..

Door de bedachtzame reconversie van het gebouw wordt aan het historisch unieke kader van het pand niet geraakt. Door middel van doordachte ingrepen willen we bovendien een upgrade aan het bestaande kader geven, architecturaal maar ook vooral door gebruik. Door de zaal opnieuw een (culturele) functie te geven in de lijn van zijn geschiedenis, blijft dit icoon niet alleen bestaan, maar kan het zich terug nestelen in de hedendaagse samenleving van Merelbeke.

 

Production studio and house, refurbishment.
Merelbeke, 2015, 801 m²

 

Photographs: Cafeine

 

Architecture Price East-Flanders
Architectuurboek Vlaanderen N°12
TV één: wonen.tv

 

Raymond ‘Mondse’ Wollaert (1900 – 1979) was a well-known and very beloved citizen of Merelbeke. With his wife Germaine Willems, Raymond owned a butchery and a café. In the  fifties he built the film theatre adjacent to it.

 

This cinema was thereupon transformed into the famous banquet hall. The name REGI is actually composed from the first names of the Wollaert family: R (Raymond), E(Etienne, son-in-law) and GI for Germaine and Gisèle (daughter).

 

The cinema was opened in February 1956 with a big dance party with the band The Happy Friends. The next day,  the chairs were speedily put in place for the first film Daddy Long Legs with Fred Astaire and Leslie Caron in the leading roles. 

 

Studio Regie is a production and post-production studio, mainly a location for film productions. The interaction and relationship between the current activities of the production studio and the history of the hall as a film theatre were an unique perspective/angle to work with.

 

Besides the production activity, there is the intent to let the characterful hall to a larger audience for specific occasions, such as receptions, openings, exhibitions, film shows, corporate events, (wedding) parties, performances and alike. This way, the unique venue will occasionally be opened in a controlled environment and thus keep the historical building rooted in society.

 

The basic idea of the whole conversion is based on maintaining the existing character and assets. This means that all of the assets need to be handled with a large dose of caution and wariness.  They were defined by their historical value, structural condition and architectural added value.

 

The project is divided into three parts.

 

The cemented entrance building with the entrance hall and cloakroom was summarily renovated and stripped of all its annexes to install a large gate for deliveries and an (emergency) exit to Hundelgemsesteenweg. In this building,  offices, the entrance and the kitchen/catering facilities are located. The auditorium itself is rectangular and is located under a large saddle roof with steel trusses. The front and rear façade are (and were) curved to improve the acoustics. Most of the old elements were still present (as discovered during the removal of a more recently installed sheetrock ceiling) an remain, with the exception of a new coat of paint, in their original state. The curved ceiling also preserved its existing form and structure.

 

The corrugated metal sheets on the outside of the auditorium were removed and the underlying brick façades were renovated. The stage tower at the back of the plot is a concrete skin with infill brickwork. It has a large concrete ceiling which formerly accommodated the pulling installation for decor lighting and scenic backgrounds.  

 

The inside and outside brick and concrete walls of the stage tower will be preserved. This brick tower, with new windows added to create light and view, functions as a hull for an autonomous wooden residential volume (with bedrooms and bathroom), as it were floating in the tower. This intervention does not break the old (existing) atmosphere of the extremely high tower volume, but reinforces its character.

 

The former stage itself will be used as a living space for the home. The old opening of the stage is carefully closed and acts as a white screen for the studio, but can easily be opened again in the future if needed. The light on this living platform is partly coming from a horizontal window that opens the entire garden site, and partly from the sizable existing skylights which bring zenithal light up from the high ceiling to the floor.

 

The existing materials are preserved as much as possible and even consistently used in the new interventions. Also characteristic elements of the interior are preserved and complemented with wooden constructions and offices.

 

In this conversion, the unique historical setting of the building remains untouched. By means of thoughtful interventions we upgrade the existing framework, architecturally but also through use and function. By giving the hall a renewed (cultural) function in line with its history, this icon does not only exist, but can settle back in the present-day society of Merelbeke.